ELSENDORP – Een eigen Elsendorpse energievoorziening is haalbaar. Een voorwaarde daarbij is dat initiatiefnemers niet alles tegelijkertijd willen, maar hun organisatie langzaam opbouwen. De beste vorm daarvoor zou een coöperatie zijn. Die conclusie legden vijf studenten van de Wageningse universiteit dinsdagavond voor aan de Elsendorpse bevolking in een bijeenkomst van het Dorpsoverleg. Lees meer
Foto: Een Elsendorpse energiecoöperatie zou de aanschaf van zonnecollectoren kunnen stimuleren.
Door Wim Poels
Geïnspireerd op de situatie in het Italiaanse Sand in Taufers, waar Elsendorp nauwe banden mee onderhoudt, gaf het Dorpsoverleg de universiteit de opdracht om het onderzoek te doen. Mocht Elsendorp kunnen besparen op de kosten van energie door het zelf in te kopen of zelfs op te wekken, dan zou een deel van die opbrengst geïnvesteerd kunnen worden in de lokale gemeenschap.
Structuren
“Het kan”, concludeerden de studenten in hun rapport ‘Energieke toekomst Elsendorp’. Daarin legden ze zich vooral toe op mogelijke structuren en minder op concrete projecten. In ieder geval moeten initiatieven vanuit de inwoners zelf komen: zij moeten het willen en er zelf tijd in steken. Van bovenaf opgelegde verplichtingen blijken meestal niet te werken, zo leren ervaringen elders. Er zou in de ogen van de rapportschrijvers eerst een collectief moeten komen, met een kleine groep kartrekkers. Uit dat collectief zou weer een coöperatie kunnen ontstaan.
Langzaam opbouwen
De studenten adviseerden Elsendorp om zo’n coöperatie langzaam op te bouwen. “Doe op korte termijn al iets wat nu haalbaar is”, zo luidde de raad. Daarbij denken de studenten bijvoorbeeld aan het gezamenlijk inkopen van energie. Daarmee valt al snel een korting bij de grote maatschappijen te bedingen. Zulk snel resultaat houdt de mensen warm voor het initiatief. De organisatie zou ook kunnen werken aan bewustwording.
Zonnecollectoren
Op de wat langere termijn kan de coöperatie zich richten op bijvoorbeeld het gezamenlijk inkopen van zaken als zonnecollectoren of kleine warmtekrachtkoppelingen. Ook lokale initiatieven op energiegebied zou de club kunnen ondersteunen. De onderzoekers denken dat het ook belangrijk is de bevolking betrokken te houden door successen te vieren, bijvoorbeeld in de vorm van een jaarlijkse feestavond waarbij duidelijk wordt wat er bereikt is en waar het nog beter kan.
Sociale projecten
Pas na een jaar of acht zou de coöperatie toe kunnen komen aan het ondersteunen van sociale projecten. Dan komt het neer op het onderhouden van relaties en het uitdragen van wat er bereikt is. Mogelijk krijgt Elsendorp daarbij een voorbeeldfunctie.
Niet uniek
De gedachtegang in Elsendorp is overigens niet uniek. Zo is een vergelijkbaar project in Lochem al succesvol. “Maar daar is men al vijftien jaar bezig”, wisten de studenten. Dat geldt ook voor een Belgisch initiatief, waar bewoners zo’n kwart op de reguliere energieprijzen besparen. De laatste tijd schieten ideeën als de Elsendorpse op veel plekken wortel. Er zou op zo’n 150 plekken aan energiecollectieven worden gewerkt.
Samen
Een daarvan is in Nuenen. Daar is berekend dat zo’n coöperatie pas echt nut heeft als er tweeduizend leden zijn, wist Maarten van Oosterhout, die namens het SRE naar de bijeenkomst was gekomen. Zoveel zal Elsendorp er niet halen. Maar hij wist ook dat er een koepel is die kleine coöperaties ondersteunt. Daardoor kunnen ook zij hun effectiviteit bewijzen. Voorzitter Wim van Lith van de Vereniging Kleine Kernen Noord-Brabant zag samenwerking ook wel zitten.
Zelf opwekken
“De coöperatie is er al”, reageerde Elsendorper Frans Meulenmeesters in het vragenrondje na de presentatie. Hij is een van de initiatiefnemers van de mestverwerkende fabriek MACE, die hoopt uit de dikke massa van mest energie op te kunnen wekken. De studenten reageerden daar niet rechtstreeks op, maar lieten bij een latere vraag over financiële risico’s van zelf energie opwekken doorschemeren dat ze Elsendorp niet aanraden al snel zelf energie te gaan opwekken. “Het lijkt verstandiger om bij zo’n lokale opwekker als afnemer te fungeren, zodat die zijn energie zeker kwijtkan”, zo merkten ze op.
Netwerk
Daarbij speelt een groot probleem een rol: Elsendorp heeft geen eigen elektriciteitsnetwerk. Dat is in handen van Enexis. “Ik ken een Boekelse ondernemer die zelf energie opwekt”, vertelde een bezoeker. “In de piekuren kan hij stroom leveren aan het net, maar in de daluren doen de grote centrales dat. Zo wordt hij bedankt voor zijn grote investering.” De studenten erkenden dat probleem, maar hadden er geen passend antwoord op. Het is nu aan de Elsendorpers om met de aanbevelingen aan de slag te gaan.

