BOEKEL – Er is geen reden om het Boekelse veiligheidsbeleid radicaal aan te passen. Wel is het nodig om aandacht te blijven geven aan zaken als woninginbraak en overlast door jongeren. Dat blijkt uit de evaluatie van het integraal veiligheidsbeleid over 2011, die het Boekelse college onlangs behandelde. “Het is nog steeds goed toeven in Boekel”, vat burgemeester Pierre Bos de nota samen. Lees meer
Foto: Het voormalige Boekos-terrein.
Door Wim Poels
In vergelijking met grotere plaatsen is de veiligheid in Boekel groot, zo blijkt uit de evaluatie van het veiligheidsbeleid in 2011. Landelijk is het streven dat het aantal inbraken onder de grens van één procent van alle woningen blijft. In Boekel ligt het cijfer op ‘slechts’ 0,71 procent. Bos ziet het aantal inbraken toch nog als een aandachtspunt. “Het is bekend dat wij erg vragen om sociale controle door de omgeving”, aldus Bos. De politie kijkt tegenwoordig hoe inbraakgevoelig woningen zijn en geeft tips om inbraak te voorkomen. Een regionale werkgroep onderzoekt hoe het mogelijk is het aantal inbraken verder terug te dringen. Eind dit jaar moet die met conclusies komen.
Context
Bos wijst erop dat je sommige cijfers in hun context moet bekijken. Hoewel concrete cijfers ontbreken, stelt het evaluatierapport dat er in 2011 veel meer bedrijfsinbraken waren. Dat is toe te schrijven aan het Boekos-terrein. De fabrieken daar stonden voor ze gesloopt waren een tijdje leeg en werden onder meer bezocht door koperdieven.
Jongeren
Een ander probleem is de overlast door jongeren. Aan de De Raadstraat is een hangplek ingericht, die tegenwoordig ook bezocht wordt door jeugd uit Gemert-Bakel en Beek en Donk. De politie controleert de hangplekken en het aantal meldingen van overlast is verminderd. Toch vraagt de jeugdgroep aandacht.

