Atie Jansen wordt honderd

Geplaatst op: 04/02/2012

AARLE-RIXTEL – De vroedvrouw zag het snel. “Dit is geen blijvertje”, bereidde ze de ouders direct na de geboorte van hun dochter voor op het ergste. Atie zelf besliste iets radicaal anders. Op vrijdag 10 februari viert mevrouw Jansen-Heijligers haar honderdste verjaardag. Geestelijk is ze nog goed bij de pinken en daarmee laat ze zien tot de allersterksten te behoren. Jansen leefde zo’n twintig jaar in Aarle-Rixtel en een korte periode in Lieshout. Lees meer »

Door Wim Poels

Jansen spot met alle adviezen over gezondheid. Melk lust ze niet, ze hield tot op hoge leeftijd van een sigaretje en fruit laat ze het liefst aan zich voorbij gaan. “Als ze een gebakje krijgt met een druif, haalt ze die er nog af”, glimlacht dochter Anneke Rijf, die in Aarle-Rixtel woont. “Van een appel heeft ze na één hap al genoeg. Ik denk dat ze er in haar leven nog geen hele gegeten heeft.” Maar tegen die opmerking protesteert de aanstaande eeuweling. “Meer dan twee”, merkt Atie op.

Positieve levenshouding
Maar wat het dan wel is? Misschien wel de positieve levenshouding. “Want ik heb veel tegenslagen gehad”, vertelt Atie. Haar man was vaak ziek en overleed aan een nierkwaal, een van haar vijf kinderen is gestorven. In 1967 kreeg ze zelf een zwaar ongeluk. Dat ze lang nog een klein beetje kon lopen is te danken aan haar grote doorzettingsvermogen. Aanvankelijk zag het ernaar uit dat ze definitief aan de rolstoel gekluisterd zou zijn. “Ondanks dat alles, heb ik in mijn leven meer gelachen dan gehuild”, stelt Atie tevreden vast. Ook tijdens het gesprek toont ze zich van haar goedlachse kant. En dat houdt haar jong. “Niemand gelooft dat ik bijna honderd ben”, zegt ze.

Konijnen
Van oorsprong heeft Atie geen band met Aarle-Rixtel of zelfs maar Brabant. Ze is geboren in Haarlem en heeft daar, met een uitstapje, een groot deel van haar jeugd en volwassen leven doorgebracht. Twee wereldoorlogen maakte ze mee, al was ze zich van de eerste weinig bewust. Van de tweede des te meer. Ze maakte bijvoorbeeld in de hongerwinter een fietstocht over de Afsluitdijk naar Friesland om voedsel voor het gezin te halen. Atie kwam terug zonder aardappelen, maar met twee levende konijnen.

Fiets
Met haar man Tinus dreef ze in Haarlem een tweewielerzaak. Brood halen deed Atie bij verschillende bakkers, zoals ze ook veel slagers in Haarlem aandeed. Want als je zelf een zaak had, moest je de andere middenstanders vooral te vriend houden. Aan supermarkten had ze sowieso een broertje dood.

Witte Poort
Na het overlijden van haar man en met het afnemen van haar mobiliteit werd het tijd naar andere woonruimte om te zien. Het werd immers steeds lastiger de trappen naar de woning boven de winkel te beklimmen. Zo kon het gebeuren dat ze koos voor een radicaal andere plek: De Witte Poort in Aarle-Rixtel. Daar woonde ze immers dicht bij dochter Anneke, die kon helpen bij haar verzorging.

Gelukkig
Zo’n verhuizing lijkt een flinke stap, maar in de praktijk had Atie het al snel prima naar haar zin. Ze kijkt er nu zelfs op terug als de meest gelukkige periode van haar alleenstaande leven. “Als je alle vriendinnen die ik er had wil opschrijven, heb je wel een extra blaadje nodig”, vertelt ze.

Scootmobiel
Omdat Jansen eigenlijk te gezond was voor een zorgcentrum, was ze een van de eerste inwoners van Aarle-Rixtel die een scootmobiel kreeg aangeboden. Van instructielessen had men in die tijd nog niet gehoord, ze kreeg wat aanwijzingen en sindsdien scheurde mevrouw Jansen er lustig op los. Voor andere, minder mobiele bewoners van De Witte Poort deed ze de boodschappen.

Piano
Ook in andere opzichten bracht ze leven in de brouwerij. Met name rond de feestdagen in december speelde ze regelmatig piano voor de bewoners van het zorgcentrum. Jansen had zelfs zo’n instrument op haar kamer staan. Voor een speech bij bijzondere gelegenheden draaide ze haar hand niet om. Daarnaast wist ze haar mondje te roeren in de bewonerscommissie en was ze lid van de kascommissie in het zorgcentrum. Een keer deed ze tijdens de controle de deur op slot. “We kwamen een kwartje tekort en vulden dat zelf aan. Maar dat mocht natuurlijk niemand zien”, klinkt het.

Carnaval
Al komt ze uit het noorden, ze voelde zich in Brabant best op haar plek. Carnaval is zo’n zuidelijke traditie waar ze niet mee is opgegroeid, maar wel van houdt. In Haarlem is ze in haar jonge jaren nog eens een bloemenmeisje geweest. Ook toen doste ze zich vrolijk uit. In Brabant kon ze dat jaarlijks doen.

Val
Na de sloop van De Witte Poort verhuisde Jansen naar Franciscushof in Lieshout. Daar maakte ze in 2006 een vervelende val, waarbij ze haar heup brak. Ze zweefde enkele keren op het randje van de dood, trok even in bij Anneke in de verwachting daar te sterven. Opnieuw toonde ze haar taaie karakter en ze herstelde.

Verpleeghuis
Daarna moest ze toch echt naar een verpleeghuis. Daarom woont ze tegenwoordig in het Eindhovense Peppelrode, waar ze op 10 februari haar honderdste verjaardag viert. Het is de bedoeling dat zelfs de burgemeester van de lichtstad op bezoek komt. Twee dagen later doet ze het nog eens over in familiekring. Het wordt een grote reünie, want ze heeft veertien kleinkinderen en zestien achterkleinkinderen.

blog comments powered by Disqus